Jul
28
Die Landis. Doping. In de tour. Wie had dat gedacht.
Ha! Ik dus! Want alle wielrenners gebruiken doping. Ik doe een poging om niet al te populistisch over te komen, maar wielrennen
anno 2006 is misschien nog wel minder een sport dan schaken. Wat zeg ik: monopoly.
Een tijdje terug sprak ik met iemand die vroeger wel eens aan hard fietsen deed. Sterker nog: hij was een behoorlijk talent. Deed ook workshops met de kiddo?s van Rabobank, de wielerploeg. En hij zat in een eigen team, heel professioneel allemaal. Ze kregen alles; kleren, schoenen, een peperdure fiets, eten, drinken, hotel.. the works. Alles.
Hij is er mee gestopt. Niet, omdat hij het fietsen niet meer aankon, maar, omdat hij het niet eens was met de werkwijze van alle (ja, alle) wielrenners en vooral ploegleiders en verantwoordelijken in de wielerwereld. Hij was toen 20, 21, en dan begint het gedonder bij het wielrennen.
Het begint met een sportdrankje. Daarna heb je een flinke verkoudheid, maar moet er wel gefietst worden. Je kan, nee, je zou het eigenlijk moeten uitzieken, drie weken flink trainen en dan weer wedstrijden fietsen. Maar dat gaat veel te langzaam. En dus word je sneller opgelapt dan voor je lijf wellicht verstandig is. Kan niet zo veel kwaad, is ook niet meteen strafbaar. Het zijn de eerste stapjes van dopinggebruik, waar je door het hele wereldje in wordt gesleurd.
Het begrip doping is alleen nogal moeilijk uit te leggen. Want waar ligt de grens. Voor sommigen is het sneller oplappen van een sporter na een griepje al doping, anderen gaan aardig wat stappen verder. Bloed aftappen en later weer inspuiten. Vage middeltjes toedienen die op lange termijn resultaat hebben. Korte termijn doping komt misschien niet vaak voor, daar zijn de artsen te slim voor. De kunst is om op de juiste momenten het aantal rode bloedcellen te vergroten. Je zuurstofopname wordt hierdoor groter en dus ook je uithoudingsvermogen. Dit, en nog vele andere methoden, gebeurd op lange termijn, gedurende het hele wielerleven van een renner. En het wordt allemaal berekend. Renners slapen de avond/avonden voor een zware bergetappe al boven op de berg. Want al die rode bloedvaatjes in je bloed werken nog beter als je al een tijdlang op grote hoogte bent. De kunst is om de hematokriet waarde precies op het toegestane niveau te houden. Een gok. Is dit doping? Ik vind van wel, veel mensen vinden van niet.
Tuurlijk, al dit valt lastig te bewijzen, maar ik ben er heilig van overtuigt dat het zo werkt. En dan ben ik nog niet eens een wielerspecialist. Het bizarre vind ik, dat iedereen het weet. Ploegleiders, journalisten, de organisatie van de Tour, iedereen. Alleen niet iedereen ziet het als strafbaar, want als je er al jaren in zit, dan zie je het als normaal. Het hoort. Mensen die er uit stappen en aankaarten wat er aan de hand is, worden voor gek verklaard. Want die kon niet hard genoeg fietsen en probeert zo zijn gram te halen, wordt er gezegt.
Landis moet gek zijn geworden. De ene dag instorten en de andere dag als een malloot de berg op knallen is fysiek onmogelijk. Op die hoogte, na zo?n inspanning, kan je niet op die manier herstellen zonder ?middeltjes?. Een boterham met kaas is dan niet voldoende. Hij moet naar de extremere middelen hebben gegrepen. Gegokt en verloren.
Die tour heeft ?ie dus niet eerlijk gewonnen, maar ik kan zo niet bedenken wie dan de nieuwe nummer 1 moet worden. Misschien wel dat ene, 10 jarige, wielrenneretje dat nog op eigen kracht een viaduct op rijdt.