Aug
01
Het was maandag 28 juli. Tijd om te gaan. En dat betekende dus de zwarte Volkswagen Polo volgetankt, ingeladen met allerlei pröttel, raampjes open en radio op 100. Knallen tot Saarburg, want daar gingen we naar toe. Voor de onwetenden: daar heb ik vorig jaar zeven weken gewerkt en we vonden het leuk om even een paar dagen terug te gaan. Even kijken hoe het was met onze Duitse
vrienden vriendinnen en natuurlijk hoe het vakantiepark (waar we werkten) er bij lag. En dus scheurden we die maandag ochtend over de Duitse snelweg richting Landal Green Park De Warsberg. Niet dat we daar onze tent zouden neerzetten, welnee. Veel te duur en er is daar een plaag van te jonge kinderen met een overvloed aan hormonen. Iets waar je zeg maar geen deel van uit wil maken.
Vier uur later waren we in Duitsland en zetelden we ons neer op een camping genaamd
Leukbachtal. De naam sprak ons al aan, de prijzen nog meer, eigenlijk. Nadat we aan een ontzettend goor stroompje water (laat u niet verleiden door de foto..) ons tentje hadden neergezet gingen we ons inschrijven bij een dikke, kale vent die gedurende de hele week hetzelfde hemd heeft aangehad. En dezelfde pet, schoenen, sokken en broek. U begrijpt dat 'meneer Heinrich' niet zo lekker rook. Savonds scheurden we helemaal naar boven (3,5 km. en 10%) richting de Warsberg waar we (uiteraard, ladieda) hartelijk werden onthaalt door onze Deutsche freunden. Savonds was er Grilhutte, wat sinds jaar en dag de disco is daarzo. Ook toen wij er werkten gingen we elke avond even een een oogje in het zeil houden, waarna we na afloop zelf de bierkisten bezetten. Ditmaal waren P. en ik dus te gast en konden we de boel eens van de andere kant bekijken. Was aardig, beetje jonger volk dan vorig jaar, viel ons op.
De volgende dag begonnen we aan De Missie waarvoor we eigenlijk gekomen waren: het beklimmen van De Warsberg. Wat voor de één de Tour de France is, is voor ons de Tour de Warsberg. Voor elke kruimel hadden we een naam bedacht: col du camping, col du Saarburg, col du Annique (na aanleiding van een Duits/Frans meisje wat daar woont, is een heel verhaal..) en natuurlijk col du Warsberg zelf. Die eerste drie gingen nog wel, maar toen kwam het echte werk. Een berg van 3,5 kilometer lang en met een stijgingspercentage van 10%.
Dood was ik. Echt. Dood. Als een pier. Een dode. Jemigjantje, wat een pokke-eind omhoog zeg. En stijl, asociaal gewoon. Absoluut niet voor herhaling vatbaar. Colletjes á la viaducten kan ik nog wel nemen, maar tien procent blijkt toch net iets te stijl te zijn. Al hebben we het wel gehaald. Een half uur hebben we voor pampus op het gras gelegen waarna we met een kilometertje of 70 naar beneden heen crosten. Dat was dan wel weer tof. En minder vermoeiend. Savonds (nog steeds half dood) hebben we met
het meisje van de ogen in een génig Duits poolcafé gezellig wat gedronken en bijgepraat over vervlogen tijden (snif). Overigens hebben we die dag ook nog de stad Luxemburg aangedaan. Nog nooit geweest en wederom niet voor herhaling vatbaar. Wat een saaie stad, cultuur en gezelligheid is ver te vinden in dit paradijs voor mensen die een ton per jaar verdienen. Nee, dan Trier, das een stuk mooier. Kerkjes, pleintjes en zwervers, de hele mikmak was aanwezig in deze stad. Leuk. Woensdag- en donderdagavond hebben we weer fijn ge-Grillhuttet. Wederom bijkletsen met de (nieuwe) manager, de (nieuwe) horeca- en recreatiemedewerkers en natuurlijk met unser Deutscher freunden. Niet interessant als je er niet bij was, maar voor ons best gezellig.
Nadat we gisteravond van iedereen geëmotioneerd (Tschuss und bis schnell) afscheid hadden genomen en vanmorgen de dikke stinkerd van de camping hadden betaald fahrden we weer nach huis. Waarbij opviel dat Duitse radiostations een crime is, omdat frequenties per meter verschillen en dat Duitse vrouwen in Mercedessen en BMWs sneller rijden dan mannen in soortgelijke wagens. Rond de kerst maar eens een reunietje organiseren met de hele werknemersbubs van vorig jaar.